Geen reden zelfgenoegzaamheid over journalistiek in Nederland

Gepubliceerd in de Volkskrant 3 juni 2022

Een tragedie’ las ik op sociale media na het nieuws van CNN en AP dat Israël gericht op de Palestijns-Amerikaanse journalisteShireen Abu Akleh schoot. Alsof iemand ging zwemmen en verdronk. Haar werkgever Al Jazeera heeft met een juridisch team inmiddels een klacht ingediend bij het Internationaal Strafhof in Den Haag. De NVJ eist onafhankelijk onderzoek. Ja, er was verontwaardiging. Maar er waren geen journalisten aanwezig bij de wake voor haar op het Mediapark. En er ontstond geen discussie over gevaarlijke verslaggeverij en onderzoeksjournalistiek. Life goes on.

Toen Shireen Abu Akleh in 1997 bij Al Jazeera ging werken, bestond de zender nog maar net. Wij kochten in 1998 op de Westelijke Jordaanoever mede vanwege haar reportages een schotelantenne. En zo werd zij onze oren en ogen in andere delen van het land, achter afsluitingen, hekken, muren en checkpoints. Na terugkeer in Nederland schaften we weer een schotel aan, zodat we Palestina nog steeds op de voet konden volgen.

Maar Al Jazeera en zijn verslaggevers werden na de lancering zowel in Israël als in het Westen zwartgemaakt. Het zou maar islamitisch, antiwesters, pro-Palestijns zijn, en had slechts polarisatie tot doel. Het verbaasde me dat dit geluid ook in Nederland te horen was, een land waar het vrije woord zo in ere wordt gehouden. En juist journalisten als Abu Akleh deden verslag vanaf plekken waar andere, westerse en Israëlische verslaggevers niet durfden te komen.

Met de beelden van de bezetting in het dagelijks leven, de checkpoints, de armoede, het gebrek aan mobiliteit, maakte zij het kleine verhaal van ellende groot. Waarheidsvinding was haar belangrijkste drijfveer. Waarheidsvinding, soms zo moeilijk en gevaarlijk, dat ze zichzelf moest overwinnen, zei ze ter gelegenheid van de viering van een kwart eeuw Al Jazeera.

Al Jazeera heeft een gerespecteerde plek verworven in de journalistiek, met uitstekende verslaggeving, waarbij onderzoek naar de feiten voorop staat en in de talkshows keurig hoor en wederhoor plaatsvindt. Israëlische, Amerikaanse en westerse woordvoerders zijn er meer te gast dan Arabische en Palestijnse woordvoerders in westerse talkshows.

De gewelddadige dood van Abu Akleh shockeerde de Arabische wereld, zei Rob Trip op het NOS Journaal. Maar niet de westerse? Het zal voor veel Nederlanders ver weg lijken, deze oorlog in een hopeloos verdeeld land, met volkeren die elkaar voor eeuwig bestrijden. Een paar journalisten zeiden voor de gein dat er maar een hek om het land heen moet en dan de boel laten affikken. Al is het blijkbaar zo moeilijk empathie op te brengen voor mensen zoals u en ik daar, dan zou de moord op een moedige, schrandere en integere journaliste, ieder van ons die staat voor de persvrijheid alsnog moeten raken. Dan is er geen Oost-Westscheiding meer.

In Nederland is er bovendien geen reden voor zelfgenoegzaamheid over de stand van de journalistiek en die persvrijheid, al wordt vrijheid van meningsuiting overal met de mond beleden. Want dit jaar kukelde Nederland van de zesde naar de 28ste plaats op de lijst van landen die het goed doen als het gaat om persvrijheid. Het is nog geen jaar geleden dat Peter R. de Vries werd doodgeschoten. Er worden molotovcocktails bij journalisten naar binnen gegooid. Er zijn vele bedreigingen. Er zijn meldpunten tegen journalisten ingesteld. Dringt de ernst daarvan wel door?

In Nederland verwordt journalistiek maar al te vaak van informatievoorziening tot meningenmachine, zenders die hier op aarde zijn vanwege een kleur en feitenvrije programma’s, zoals Ongehoord Nederland. Onderzoeksjournalistiek? Zó passé. Ik swipe langs talkshows en zie vooral brood en spelen. En ik denk aan Al Jazeera dat nu meer dan 25 jaar uitstekend journalistiek werk verzet.

Shireen Abu Akleh was met haar klassieke moedige onderzoeksjournalistiek een voorbeeld voor ons allen. Steun voor de eis van een onafhankelijk onderzoek door het Internationaal Strafhof in Den Haag, dat Nederland zou kunnen faciliteren, is dan ook op zijn plaats. Zeker nu Israël weigert onderzoek te doen. Daders mogen niet vrijuit gaan na een aanval op de persvrijheid, een aanval die iedereen aangaat en die ook gericht is tegen de democratie.

En in haar geest, moet ook binnenlands de raison d’être van goede journalistiek, speaking truth to power op basis van feiten, weer respect krijgen. Daarvoor moeten politici, scholen, maar vooral ook journalisten zelf zorgdragen.